Kort antwoord

Gebruik deze tabel voor DALI-2 adressen, lijnen, groepen, scènes en busgrenzen. De tabel helpt bij planning; commissioning en fabrikantdata blijven bepalend.

Gebruik deze tabel voor

  • DALI-lijnen, short addresses en groepen plannen
  • busstroom, kabellengte en componentaantallen controleren
  • DALI-2 vergelijken met 1-10V, KNX of draadloze systemen

Controleer vooral

  • maximaal 64 control gear en 64 control devices per subnet; controleer groepen en scènes per apparaatrol
  • busvoeding, bekabeling, topologie en maximale stroom
  • DiiA-certificering, drivers, sensoren en commissioning-tool

Let op

  • Een planningstabel vervangt geen commissioning, meetcontrole of fabrikantdocumentatie.
  • Controleer bij renovatie of bestaande bekabeling, controller en busvoeding geschikt zijn.
Gebruik de printversie als projectchecklist of dossierbijlage.

Projectkader

Gebruik deze pagina als onderbouwde ontwerphulp

Laatste controle: 2026-05-13

Leg vast in uw dossier

  • Leg aantal adressen, groepen, scènes, input devices, busvoeding en kabellengte vast.
  • Controleer busstroom, topologie, spanningsverlies, productcertificering en commissioning apart.
  • Scheid DALI-protocolkeuze van NEN 1010-installatieveiligheid en gebouwbeheersysteemintegratie.

Wat dit niet bewijst

  • Geen garantie dat alle DALI-componenten interoperabel of correct gecommissioned zijn.
  • Geen bewijs dat busvoeding, bekabeling, gateways en sensoren binnen projectgrenzen blijven.
  • Geen vervanging van productdata, commissioningrapport of installatietoets.

Bronnen en controle

Controleer deze laag voordat u projectwaarden vastlegt

NEN-EN-IEC 62386-101:2023

NEN-cataloguspagina voor digitale adresseerbare verlichtingsinterface, deel 101.

URL
https://www.nen.nl/nen-en-iec-62386-101-2023-en-fr-305469
Gebruik
DALI-systeemcomponenten, buscontext en protocolgrenzen voor digitale verlichtingsbesturing.
Grens
DALI-protocolinformatie vervangt geen commissioning, productcertificering, busstroomcontrole of installatieveiligheidstoets.
Gecontroleerd
13 mei 2026

DALI-2 Protocol — het digitale besturingsprotocol voor professionele verlichting

DALI (Digital Addressable Lighting Interface) is het internationaal gestandaardiseerde protocol voor digitale verlichtingsbesturing in utiliteitsgebouwen. Het protocol is vastgelegd in de IEC 62386-reeks en wordt in Nederland breed toegepast in kantoren, scholen, ziekenhuizen, winkels en industriële omgevingen. DALI-2 heeft een certificeringsprogramma van de DALI Alliance. Controleer certificering per merk, product-ID en relevante versie in de officiële productdatabase; certificering van losse componenten garandeert niet dat een compleet project correct werkt.

DALI ondersteunt tweerichtingscommunicatie. Welke status- en meetgegevens beschikbaar zijn, hangt af van control gear, control devices, controller en configuratie. Vergelijk dit met 0-10V op basis van de functies die het project nodig heeft; protocolkeuze alleen bewijst geen onderhouds-, energie- of BENG-resultaat.

Vergelijking DALI-1 vs. DALI-2

KenmerkDALI-1 (IEC 60929 Annex E)DALI-2 (IEC 62386)
StandaardIEC 60929 Annex EIEC 62386 Parts 101/102/103
CertificeringDALI-1-producten vallen niet onder het DALI-2-certificeringsprogrammaControleer productvermelding en versie in de DALI Product Database
InteroperabiliteitControleer implementatie en compatibiliteit per fabrikantGestandaardiseerde tests ondersteunen interoperabiliteit; controleer functies en systeemcombinatie
Input devicesNiet gestandaardiseerd binnen de DALI-1-productregistratiePart 301–304: drukknoppen, absolute input devices, bezettingssensoren en lichtsensoren
KleurbesturingNiet beschikbaarDevice Type 8 (Tc, RGBWAF, xy)
DiagnostiekBeperkt (lamp failure, power failure)Uitgebreid (thermische data, branduren, energieverbruik)
MultimasterNiet ondersteundOndersteund via Application Controllers

DALI-2 Elektrische Specificaties — IEC 62386-101

ParameterWaardeNormreferentie
Adresseringscapaciteit per DALI-subnet64 control gear en daarnaast 64 control devicesDALI Alliance: Key Features
GroepenControleer groepsadressen en apparaatrollen in de IEC-specificatie en fabrikantdocumentatieIEC 62386 en fabrikantdocumentatie
Maximaal aantal scènes16 per control gearDALI Alliance: Key Features
Busspanning16–22,5 V DC volgens de DALI Alliance Key Features-paginaDALI Alliance: Key Features
Maximale busstroom250 mADALI Alliance: Key Features en DiiA(SE)001a
Stroom per apparaatControleer de bijdrage per apparaat en voeding in de fabrikantdocumentatieFabrikantdocumentatie
BekabelingsafstandDe ontwerpwijzer noemt 300 m totale kabellengte; voor 1,5 mm² en maximaal 250 mA noemt deze maximaal 300 m tussen de verst uit elkaar liggende apparatenDiiA(SE)001a, §3.2 en p. 47
Datasnelheid1200 bit/sIEC 62386; exacte editie niet verder gespecificeerd
DimbereikAfhankelijk van gear en configuratie; controleer fabrikantgegevensFabrikantdocumentatie
Bedrading2-draads, polariteitsonafhankelijkIEC 62386-101, §5.5
TopologieLijn, ster, boom of combinatie; ring- en mesh-bedrading zijn niet toegestaanDiiA(SE)001a, §3.2, figuur 2

DALI-2 Apparaattypen (Device Types) — IEC 62386-2xx

IEC 62386 Part 2xx definieert de functionaliteit van control gear (drivers, voorschakelapparaten). Elk type heeft specifieke commando's en geheugenbanken:

Device TypeOmschrijvingIEC 62386 PartToepassing
Type 0Fluorescent lamp gearPart 201TL-armaturen (HF-voorschakelapparaten)
Type 1Self-contained emergency lighting gearPart 202Noodverlichting (zelftest, accustatus)
Type 6LED gear (LED-driver)Part 207Alle LED-armaturen (meest gebruikt)
Type 7Switching functionPart 208Niet-dimbare armaturen, relaisschakeling
Type 8Colour controlPart 209Tunable white (Tc), RGBW, xy-kleursturing

DALI-2 Input Devices — IEC 62386-3xx

Een belangrijke innovatie van DALI-2 is de standaardisatie van input devices (sensoren en schakelaars). In DALI-1 waren deze niet gestandaardiseerd, waardoor fabrikanten eigen oplossingen gebruikten die niet uitwisselbaar waren.

PartCategorieVoorbeeldenToepassing in NL
Part 301DrukknoppenDrukknoppen voor bediening, bijvoorbeeld van scènesControleer ondersteunde functies per product
Part 302Absolute input devicesBedienorganen met een absolute instelwaardeControleer de ondersteunde functie per product
Part 303BezettingssensorenSensoren voor bezetting of bewegingAutomatische regeling op basis van bezetting
Part 304LichtsensorenSensoren voor lichtniveausDaglichtafhankelijke regeling, indien de componenten dit ondersteunen

Bedrading en Installatierichtlijnen

Volgens de DALI Alliance-ontwerpwijzer zijn lijn-, ster-, boom- en combinatietopologieën mogelijk; ring- en mesh-topologieën zijn in het schema als niet-toegestaan aangegeven. De busaders zijn in het algemeen niet polariteitsgevoelig, behalve waar een busvoeding DA+ en DA− markeert. Kabelkeuze, scheiding en aanleg moeten daarnaast voldoen aan de toepasselijke installatie-eisen en fabrikantdocumentatie; deze pagina doet daar geen NEN 1010-conformiteitsuitspraak over.

DALI-bekabelingsafstand

De DALI Alliance-ontwerpwijzer noemt 300 m als totale kabellengte, met een uitzondering wanneer kabelindeling en eigenschappen speciaal zijn ontworpen en geselecteerd. Voor 1,5 mm² en een maximale busvoeding van 250 mA noemt de gids maximaal 300 m tussen de twee verst uit elkaar liggende apparaten. Dit is geen generieke tabel voor andere kabeldoorsneden; beoordeel de werkelijke bus met de gekozen voeding, kabel en fabrikantgegevens.

Let op: tel bij ontwerp de totale kabellengte en de afstand tussen de verst uit elkaar liggende apparaten volgens de gekozen topologie. Gebruik geen afgeleide lengtegrens zonder kabel- en belastinggegevens. De Kabeldoorsnedeberekening is geen vervanging van een DALI-busontwerp of fabrikantcontrole.

DALI-2 Systeemarchitectuur

Een DALI-2 systeem bestaat uit de volgende componenten, die elk een specifieke rol vervullen in de besturingsketen:

ComponentFunctieMax. per busVoorbeeld
DALI Power Supply (DPS)Voedt de bus binnen de toepasselijke spannings- en stroomgrenzenOntwerp volgens de gekozen voeding en fabrikantdocumentatieControleer voeding en totale busbelasting
Application ControllerStuurt de bus en bevat de toepassingslogicaControleer de limieten en masterfunctionaliteit per controllerControleer ondersteunde functies per product
Control GearLED-driver of voorschakelapparaatMaximaal 64 per subnetControleer type en functies in de fabrikantdocumentatie
Control DevicesApplication controllers en input devicesMaximaal 64 per subnet, naast de control gearControleer apparaat- en instance-limieten per product
Bus CouplerKoppelt meerdere DALI-bussenn.v.t.DALI-naar-KNX gateway

Adresseringssysteem

Een DALI-subnet ondersteunt maximaal 64 control gear en daarnaast maximaal 64 control devices. De control gear gebruiken individuele short addresses 0–63. Groepsindeling, scènes en input-device-instances verschillen per apparaatrol; controleer de toepasselijke limieten in de DALI-specificatie en fabrikantdocumentatie. Commissioning-software kan adressen toewijzen, maar de uiteindelijke configuratie moet per project worden gecontroleerd.

Veelvoorkomende Storingen en Diagnose

DALI-2 biedt uitgebreide diagnostiekmogelijkheden via statusquery's. Hieronder de meest voorkomende problemen in de Nederlandse installatiepraktijk en hun oplossingen:

SymptoomMogelijke oorzaakDiagnose / Oplossing
Geen enkel armatuur reageertDefecte DALI-voeding of kortsluiting op busMeet busspanning: moet 16 V DC zijn. Koppel alle armaturen los en sluit één voor één aan om kortsluiting te lokaliseren.
Individuele armaturen flikkerenDubbele adressering (twee apparaten delen hetzelfde short address)Voer opnieuw commissioning uit. Controleer of alle apparaten een uniek adres hebben.
Vertraagde reactie op knoppenTe veel busverkeer door polling of collisionsVerminder het aantal sensoren of verlaag de polling-frequentie. Overweeg een tweede DALI-bus.
Armatuur dimt niet onder ~3%Driver ondersteunt geen logaritmische dimming onder physical minimumControleer of de LED-driver DT6 gecertificeerd is. Niet alle drivers ondersteunen het volledige 0,1–100% bereik.
Sensor reageert nietInput device niet gecommissioneerd of adres verlorenControleer of het input device een geldig instance number heeft. Hercommissioneer indien nodig.
Busspanning te laag (< 11,5 V)Kabel te lang of te dun; te veel apparatenMeet de spanning aan het verste punt. Gebruik een dikkere kabel of verdeel over twee bussen.

DALI-2 in de Nederlandse Praktijk

Toepassingen per gebouwtype

GebouwtypeTypische DALI-toepassingBelangrijkste voordeel
KantoorDaglichtregeling en aanwezigheidsdetectie per zone, indien ondersteundRegelgedrag hangt af van sensor, controller, configuratie en projectdoelen
School / UniversiteitScèneschakeling voor verschillende gebruikssituatiesControleer bediening en scènefunctionaliteit in het gekozen systeem
ZiekenhuisNoodverlichting en scènes kunnen onderdeel zijn van een ontwerpControleer noodverlichtingsfunctie en eisen afzonderlijk
Winkel / RetailAccent- en sfeerverlichting, colour tuning (DT8)Dynamische verlichting per seizoen/campagne
Industrie / LogistiekHoogbay-besturing met bewegingssensorenBesparing hangt af van gangpadbezetting, dimniveau en veiligheidsscenario
ParkeergarageNiveaudimming met bezettingssensoren (Part 303), indien ondersteundControleer regeling, veilige lichtniveaus en toepasselijke projecteisen afzonderlijk

Integratie met gebouwbeheersystemen

DALI-2 wordt in de Nederlandse installatiewereld vaak gekoppeld aan een overkoepelend gebouwbeheersysteem (GBS) via een KNX-naar-DALI gateway of via BACnet/IP. De voordelen van deze integratie zijn:

  • Data en monitoring: sommige DALI-apparaten bieden rapportagefuncties; controleer welke meetgegevens het specifieke product ondersteunt. NTA 8800-invoer vraagt afzonderlijke projectgegevens.
  • Automatische meldingen: Bij lampuitval of driverdefect wordt automatisch een storingmelding naar het BMS gestuurd.
  • Scènemanagement: Via het GBS kunnen scènes per ruimte of etage worden geprogrammeerd en op afstand worden gewijzigd.
  • Trendmonitoring: Analyse van branduren en dim-niveaus optimaliseert het onderhoudsschema (MF).

Tips voor het specificeren van DALI-2 systemen

Controleer productstatus en functies: gebruik de DALI Product Database om een product en relevante versie te controleren. Controleer daarnaast fabrikantdocumentatie en de combinatie met controller, voeding, sensoren en gewenste functies; een databankvermelding bewijst niet dat elk projectontwerp of elke combinatie werkt.

Plan het aantal DALI-subnetten: tel control gear en control devices apart mee tegen hun respectieve maxima van 64 per subnet. Controleer ook limieten van de application controller en gewenste uitbreidingsruimte; een vuistregel vervangt de projectspecifieke telling niet.

Documenteer de commissioning: Leg het DALI-adresseringsschema vast in de installatiedocumentatie (revisiedossier). Vermeld waar relevant per armatuur het short address, de groep, scènes en configuratie voor overdracht en later onderhoud. Dit doet geen uitspraak over een specifieke wettelijke documentatie-eis.

Overweeg DALI-2 bij renovatie: Bij vervanging van TL door LED in bestaande gebouwen kan DALI-2 alleen worden toegevoegd wanneer bestaande bekabeling, voeding, control gear, controller en installatieveiligheid daarvoor geschikt zijn. Terugverdientijd hangt af van projectkosten, gebruik, regeling en energieprijzen en wordt hier niet voorspeld.

Bronnen en verificatie

  • DALI Alliance — Key Features & Dimming: subnet-capaciteit en control gear-scènes.
  • DALI Alliance — Sensors: functies van Parts 301–304.
  • DALI Alliance — Introduction to DALI, versie 1.9 (april 2018): Device Type 0/Part 201 en Type 1/Part 202.
  • DiiA(SE)001a — Specifying With DALI: topologie en bekabelingsafstand.
  • DALI Product Database: controleer de status per productrecord.

Verder binnen dit onderwerp

DALI, dimming en lichtbesturing

Lichtbesturing plannen

Voor projecten

Projectactie binnen dit onderwerp

Gebruik de matrix om verder te rekenen, te controleren of een projectvraag voor te leggen.

Download projectchecklistBusadressen, groepen en projectnotatie.Controleer uw projectuitgangspuntenProjectlogica, sensoren en commissioning.

Voor projecten

Gebruik deze tabel in uw project

Download de tabel, controleer de uitgangspunten en leg bij twijfel de projectsituatie voor.