Lichtstroom
Kort antwoord
Lichtstroom is de totale hoeveelheid zichtbaar licht van een bron, uitgedrukt in lumen. Een hoge lumenwaarde zegt op zichzelf nog niet hoeveel lux er op het werkvlak terechtkomt.
Gebruik deze pagina voor
- lamp- en armatuurdata correct lezen
- lumen van een product scheiden van de lux op de ruimte
- een eerste bronselectie voorbereiden voor berekening of vergelijking
Controleer vooral
- lumen blijft een bronwaarde; projectprestaties vragen ook armatuurfotometrie
- onderhoud, reflecties en ruimtegeometrie beïnvloeden de bruikbare uitkomst
- vergelijk lichtstroom altijd samen met wattage, UGR, Ra en toepassing
De totale hoeveelheid zichtbaar licht die een lichtbron in alle richtingen uitzendt, uitgedrukt in lumen (lm).
Eenheid: lumen (lm)
Lichtstroom (Φ) is de basiseenheid voor de totale lichtproductie van een lamp. Hoe meer lumen een lamp produceert, hoe meer licht hij geeft. De specificatie is vastgelegd conform CIE 084.
Lumen-vergelijking per lamptype:
- Gloeilamp 40W: ≈ 430 lm
- Gloeilamp 60W: ≈ 730 lm
- Gloeilamp 100W: ≈ 1.380 lm
- Halogeen 50W (GU10): ≈ 350 lm
- CFL spaarlamp 11W: ≈ 600 lm
- TL-buis T8 36W: ≈ 3.350 lm
- TL-buis T5 28W: ≈ 2.900 lm
- LED-lamp 10W (E27): ≈ 800–1.000 lm
- LED-paneel 40W (60×60): ≈ 3.600–4.400 lm
Bij de keuze van een lamp is de lichtopbrengst in lumen belangrijker dan het wattage. Een LED-lamp van 10W kan evenveel lumen (800 lm) produceren als een gloeilamp van 60W.
Vuistregel: Voor een gemiddelde woonkamer (20 m²) met 300 lux verlichtingssterkte heeft u circa 6.000 lumen nodig (20 × 300), vóór correctie met de onderhoudsfactor.
Initiële vs. gehandhaafde lichtstroom: De opgegeven lumen van een nieuwe lamp is de initiële waarde. Door degradatie (lumen depreciation) neemt de lichtstroom af gedurende de levensduur — de L70-waarde geeft aan wanneer nog 70% resteert.