DALI-adressering tabel — adressen, groepen en scènes plannen
IEC 62386Praktische DALI-adressering tabel voor short addresses, groepen, scènes, busstroom en commissioning. Gebruik als planning, niet als vervanging van fabrikantdata.
Referentie: IEC 62386:2014+2018+2022; NEN 1010:2020 §5.5; IEC 60929
Kort antwoord
Gebruik deze DALI-adresseringstabel voor short addresses, groepen en scènes. Begin bij de lijnindeling; controleer daarna busstroom, componentaantallen en commissioning.
Gebruik deze tabel voor
- DALI short addresses en groepsindeling plannen
- een commissioninglijst voor armaturen, sensoren en drukknoppen voorbereiden
- renovaties met bestaande DALI-bekabeling structureren
Controleer vooral
- aantal adressen per lijn en verdeling over groepen
- busvoeding, kabelroute, topologie en spanningsverlies op de bus
- DALI-2 compatibiliteit, controllerlimieten en documentatie per fabrikant
Let op
- Adressering is maar één laag van een DALI-project; commissioning en systeemtest blijven nodig.
- Controleer bij elk project de controller, driverdata en werkelijke busbelasting.
Projectkader
Gebruik deze pagina als onderbouwde ontwerphulp
Laatste controle: 2026-05-03
Leg vast in uw dossier
- Leg aantal adressen, groepen, scènes, input devices, busvoeding en kabellengte vast.
- Controleer busstroom, topologie, spanningsverlies, productcertificering en commissioning apart.
- Scheid DALI-protocolkeuze van NEN 1010-installatieveiligheid en gebouwbeheersysteemintegratie.
Wat dit niet bewijst
- Geen garantie dat alle DALI-componenten interoperabel of correct gecommissioned zijn.
- Geen bewijs dat busvoeding, bekabeling, gateways en sensoren binnen projectgrenzen blijven.
- Geen vervanging van productdata, commissioningrapport of installatietoets.
DALI-2 Protocol — het digitale besturingsprotocol voor professionele verlichting
DALI (Digital Addressable Lighting Interface) is het internationaal gestandaardiseerde protocol voor digitale verlichtingsbesturing in utiliteitsgebouwen. Het protocol is vastgelegd in de IEC 62386-reeks en wordt in Nederland breed toegepast in kantoren, scholen, ziekenhuizen, winkels en industriële omgevingen. DALI-2 (sinds 2014, met aanvullingen in 2018 en 2022) verbetert de interoperabiliteit ten opzichte van de oorspronkelijke DALI-1 standaard door strikte certificering via de DiiA (Digital Illumination Interface Alliance).
Het grote voordeel van DALI ten opzichte van analoge protocollen zoals 0-10V is de bidirectionele communicatie: armaturen kunnen hun status (branduren, storingen, actueel dimniveau) terugrapporteren naar het beheersysteem. Dit maakt condition-based onderhoud en energiemonitoring mogelijk, wat in het kader van de BENG-eisen steeds belangrijker wordt.
Vergelijking DALI-1 vs. DALI-2
| Kenmerk | DALI-1 (IEC 60929 Annex E) | DALI-2 (IEC 62386) |
|---|---|---|
| Standaard | IEC 60929 Annex E (informeel) | IEC 62386 Part 101/102/103 (formeel) |
| Certificering | Geen verplichte certificering | DiiA-certificering verplicht |
| Interoperabiliteit | Niet gegarandeerd (fabrikantafhankelijk) | Gegarandeerd bij DiiA-gecertificeerde producten |
| Input devices | Niet gestandaardiseerd | Part 301–304 (knoppen, sensoren, draadloos) |
| Kleurbesturing | Niet beschikbaar | Device Type 8 (Tc, RGBWAF, xy) |
| Diagnostiek | Beperkt (lamp failure, power failure) | Uitgebreid (thermische data, branduren, energieverbruik) |
| Multimaster | Niet ondersteund | Ondersteund via Application Controllers |
DALI-2 Elektrische Specificaties — IEC 62386-101
| Parameter | Waarde | Normreferentie |
|---|---|---|
| Maximaal aantal apparaten per bus | 64 (individueel adresseerbaar) | IEC 62386-101, §4.3 |
| Maximaal aantal groepen | 16 (per bus) | IEC 62386-102, §9.3 |
| Maximaal aantal scènes | 16 (per apparaat) | IEC 62386-102, §9.4 |
| Busspanning | 16 V nominaal (bereik: 11,5–22,5 V DC) | IEC 62386-101, §5.1 |
| Maximale busstroom | 250 mA (vanuit DALI-voeding) | IEC 62386-101, §5.2 |
| Stroom per apparaat | Max. 2 mA (control gear) / 10 mA (control device) | IEC 62386-101, §5.3 |
| Maximale buslengte | 300 m (bij 1,5 mm² kabel) | IEC 62386-101, §5.4 |
| Datasnelheid | 1200 baud (Manchester-codering) | IEC 62386-101, §7.1 |
| Dimbereik | 0,1–100% (logaritmische curve, 254 stappen) | IEC 62386-102, §9.8 |
| Bedrading | 2-draads, polariteitsonafhankelijk | IEC 62386-101, §5.5 |
| Topologie | Lijn, ster, boom (of combinatie); ring verboden | IEC 62386-101, §5.6 |
DALI-2 Apparaattypen (Device Types) — IEC 62386-2xx
IEC 62386 Part 2xx definieert de functionaliteit van control gear (drivers, voorschakelapparaten). Elk type heeft specifieke commando's en geheugenbanken:
| Device Type | Omschrijving | IEC 62386 Part | Toepassing |
|---|---|---|---|
| Type 0 | Fluorescent lamp gear | Part 202 | TL-armaturen (HF-voorschakelapparaten) |
| Type 1 | Noodverlichting gear | Part 203 | Noodverlichting (zelftest, accustatus) |
| Type 6 | LED gear (LED-driver) | Part 207 | Alle LED-armaturen (meest gebruikt) |
| Type 7 | Switching function | Part 208 | Niet-dimbare armaturen, relaisschakeling |
| Type 8 | Colour control | Part 209 | Tunable white (Tc), RGBW, xy-kleursturing |
DALI-2 Input Devices — IEC 62386-3xx
Een belangrijke innovatie van DALI-2 is de standaardisatie van input devices (sensoren en schakelaars). In DALI-1 waren deze niet gestandaardiseerd, waardoor fabrikanten eigen oplossingen gebruikten die niet uitwisselbaar waren.
| Part | Categorie | Voorbeelden | Toepassing in NL |
|---|---|---|---|
| Part 301 | Drukknoppen / schakelaars | Wandschakelaars, scènecontrollers | Kantoren, vergaderruimtes, scholen |
| Part 302 | Aanwezigheidssensoren | PIR-sensoren, HF-sensoren, microgolfsensoren | Gangen, sanitairblokken, parkeergarages |
| Part 303 | Lichtmeetsensoren | Daglichtmeters (lux-sensoren) | Kantoren met daglichtregeling (BENG-optimalisatie) |
| Part 304 | Draadloze inputs | Bluetooth Low Energy, Zigbee-naar-DALI gateways | Renovatie waar bekabeling moeilijk is |
Bedrading en Installatierichtlijnen
DALI-bekabeling is polariteitsonafhankelijk en mag in ster-, boom- of lijn-topologie (of een combinatie daarvan) worden aangelegd; ringtopologie is verboden (IEC 62386-101, §5.6). In de Nederlandse installatiepraktijk wordt de DALI-bus meestal meegelegd in de netspanningskabel, aangezien DALI conform NEN 1010:2020, §5.5 als SELV/PELV-circuit mag worden behandeld mits aan de isolatie-eisen wordt voldaan.
De meest gebruikte kabeltypen in Nederland zijn:
- YMVK 5G1,5 mm²: L, N, PE + DA+, DA– — standaard voor nieuwe kantoorinstallaties
- YMVK 5G2,5 mm²: Voor langere afstanden of gecombineerde licht+WCD-groepen
- VD-draad in buis: Losse bedrading, flexibeler bij renovatie
- Aparte DALI-kabel: 2×1,5 mm² (bijv. bij bestaande installaties zonder reserveaders)
Maximale DALI-buslengte per kabeldoorsnede
De maximale buslengte wordt bepaald door de spanningsval over de DALI-lijn. Bij de maximale stroom van 250 mA mag de spanning aan het verste punt niet onder 11,5 V dalen (IEC 62386-101, §5.4):
| Kabeldoorsnede | Max. buslengte (single run) | Weerstand per 100 m (2-aderig) | Normreferentie |
|---|---|---|---|
| 0,5 mm² | 100 m | 7,4 Ω | IEC 62386-101 |
| 0,75 mm² | 150 m | 4,9 Ω | IEC 62386-101 |
| 1,0 mm² | 200 m | 3,7 Ω | IEC 62386-101 |
| 1,5 mm² | 300 m | 2,5 Ω | IEC 62386-101 |
Let op: Bij een ster-topologie telt de langste tak als de effectieve buslengte. Bij veel apparaten (hoge stroomtrek) kan de praktische maximale lengte korter zijn. Gebruik de Kabeldoorsnedeberekening om de spanningsval te controleren.
DALI-2 Systeemarchitectuur
Een DALI-2 systeem bestaat uit de volgende componenten, die elk een specifieke rol vervullen in de besturingsketen:
| Component | Functie | Max. per bus | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| DALI Power Supply (DPS) | Levert 16V DC busspanning | 1 (per bus) | Tridonic DALI PS/S 1/250 |
| Application Controller | Stuurt de bus aan, bevat logica | 1 primary + multi-masters | DALI-gateway, touchpanel |
| Control Gear | LED-driver, voorschakelapparaat | 64 (totaal met input devices) | Philips Xitanium DALI-2 |
| Input Devices | Sensoren, schakelaars | Onderdeel van 64 max. | Steinel HBS 300 DALI-2 |
| Bus Coupler | Koppelt meerdere DALI-bussen | n.v.t. | DALI-naar-KNX gateway |
Adresseringssysteem
Elk DALI-2 apparaat krijgt een uniek short address (0–63), waarmee het individueel aangestuurde kan worden. Daarnaast kan elk apparaat lid zijn van maximaal 16 groepen en 16 scènes opslaan. De adressering gebeurt doorgaans automatisch via het commissioning-proces (bijv. via een DALI-configuratietool of BMS-software).
Veelvoorkomende Storingen en Diagnose
DALI-2 biedt uitgebreide diagnostiekmogelijkheden via statusquery's. Hieronder de meest voorkomende problemen in de Nederlandse installatiepraktijk en hun oplossingen:
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Diagnose / Oplossing |
|---|---|---|
| Geen enkel armatuur reageert | Defecte DALI-voeding of kortsluiting op bus | Meet busspanning: moet 16 V DC zijn. Koppel alle armaturen los en sluit één voor één aan om kortsluiting te lokaliseren. |
| Individuele armaturen flikkeren | Dubbele adressering (twee apparaten delen hetzelfde short address) | Voer opnieuw commissioning uit. Controleer of alle apparaten een uniek adres hebben. |
| Vertraagde reactie op knoppen | Te veel busverkeer door polling of collisions | Verminder het aantal sensoren of verlaag de polling-frequentie. Overweeg een tweede DALI-bus. |
| Armatuur dimt niet onder ~3% | Driver ondersteunt geen logaritmische dimming onder physical minimum | Controleer of de LED-driver DT6 gecertificeerd is. Niet alle drivers ondersteunen het volledige 0,1–100% bereik. |
| Sensor reageert niet | Input device niet gecommissioneerd of adres verloren | Controleer of het input device een geldig instance number heeft. Hercommissioneer indien nodig. |
| Busspanning te laag (< 11,5 V) | Kabel te lang of te dun; te veel apparaten | Meet de spanning aan het verste punt. Gebruik een dikkere kabel of verdeel over twee bussen. |
DALI-2 in de Nederlandse Praktijk
Toepassingen per gebouwtype
| Gebouwtype | Typische DALI-toepassing | Belangrijkste voordeel |
|---|---|---|
| Kantoor | Daglichtregeling + aanwezigheidsdetectie per zone | Energiebesparing 40–60%, BENG 2 optimalisatie |
| School / Universiteit | Scèneschakeling (les, presentatie, examen) | Gebruiksgemak docenten, concentratieverhoging leerlingen |
| Ziekenhuis | Noodverlichting (DT1) + patiëntkamerscènes | Automatische zelftesten noodverlichting, circadiaan licht |
| Winkel / Retail | Accent- en sfeerverlichting, colour tuning (DT8) | Dynamische verlichting per seizoen/campagne |
| Industrie / Logistiek | Hoogbay-besturing met bewegingssensoren | Tot 80% energiebesparing in gangen en magazijnen |
| Parkeergarage | Niveaudimming met HF-sensoren (Part 302) | Veiligheid en energiebesparing; controleer Bbl- en Arbo-context apart |
Integratie met gebouwbeheersystemen
DALI-2 wordt in de Nederlandse installatiewereld vaak gekoppeld aan een overkoepelend gebouwbeheersysteem (GBS) via een KNX-naar-DALI gateway of via BACnet/IP. De voordelen van deze integratie zijn:
- Centraal energiemonitoring: DALI-2 rapporteert het werkelijke energieverbruik per armatuur, wat essentieel is voor de NTA 8800-berekening bij renovatieprojecten.
- Automatische meldingen: Bij lampuitval of driverdefect wordt automatisch een storingmelding naar het BMS gestuurd.
- Scènemanagement: Via het GBS kunnen scènes per ruimte of etage worden geprogrammeerd en op afstand worden gewijzigd.
- Trendmonitoring: Analyse van branduren en dim-niveaus optimaliseert het onderhoudsschema (MF).
Tips voor het specificeren van DALI-2 systemen
Specificeer altijd DiiA-gecertificeerde producten: Alleen DiiA-gecertificeerde apparaten garanderen volledige interoperabiliteit. De DiiA-database (dfrequently updated) bevat alle gecertificeerde producten. Dit voorkomt problemen met niet-compatibele drivers van verschillende fabrikanten.
Plan het aantal DALI-bussen: Met maximaal 64 apparaten per bus is het bij grotere gebouwen essentieel om vroegtijdig het aantal benodigde bussen te bepalen. Reken met een veiligheidsmarge van 20% voor toekomstige uitbreidingen. Bij een kantoor met 100 armaturen zijn minimaal 2 bussen nodig (50 + 50).
Documenteer de commissioning: Leg het DALI-adresseringsschema vast in de installatedocumentatie (revisiedossier). Vermeld per armatuur het short address, de groep, de scènes en het dimniveau. Dit is conform NEN 1010:2020, §6.1 (documentatie-eis) en bespaart uren bij toekomstig storingzoeken.
Overweeg DALI-2 bij renovatie: Bij vervanging van TL door LED in bestaande gebouwen kan DALI-2 worden toegevoegd door twee extra aders mee te trekken (DA+, DA–). De investeringskosten worden doorgaans binnen 2–4 jaar terugverdiend door de energiebesparing via dag- en aanwezigheidssturing.
Rekenmachines
Normtabellen
Dossiers
Handleidingen
Veelgestelde vragen
Vergelijkingen
Voor projecten
Projectactie binnen dit onderwerp
Gebruik de matrix om verder te rekenen, te controleren of een projectvraag voor te leggen.
Voor projecten
Gebruik deze tabel in uw project
Download de tabel, controleer de uitgangspunten en leg bij twijfel de projectsituatie voor.